Tips!

Geen naaigaren in breiwerk:
vaak moet je in je breiwerk iets vastnaaien, ik denk hierbij bijvoorbeeld aan een knoop. Het is belangrijk om hiervoor geen gewoon naaigaren te gebruiken. Dit kan in je breiwerk snijden en het zo beschadigen. Hoe naai ik dit nu het beste vast? Je neemt een draad wol (dezelfde die je gebruikt hebt om te breien) en je splitst die. Hier neem je 1 draadje van en zo kan je je knoop aannaaien.

Draadspanning in breiwerk:
soms moet je jammer genoeg enkele rijen van je breiwerk uithalen en terug op de naald zetten. Als je breit heb je een zekere spanning. Na het uithalen kan je best de steken op een dunnere naald zetten (zo zitten ze er losjes op), anders krijg je ze er moeilijk terug opgeschoven. Bij het opnieuw breien neem je dan de dikte waarmee je aan werken was om zo terug dezelfde spanning te bekomen. Bij het gebruik van een dunnere naald zullen de stekken ook minder snel doorlitsen door ze op de priem te zetten.
 
 Patroonbreien:
bij moeilijke patronen bv een kantpatroon 1 en daarna patroon 2, volgende rij patroon 2 dan patroon 1 helpt het voor mij om alles netjes uit te schrijven. Zo moet je tijdens het breien niet te hard nadenken en kan je gewoon het patroon volgen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen